
Het is een komedie die zich presenteert als een faux-documentaire over het dagelijkse leven van een papierverkoopbedrijf in Pennsylvania, Verenigde Staten. Deze serie laat ons kennismaken met het leven van de werknemers van een klein filiaal, en voornamelijk met het leven van de algemeen directeur, Michael Scott, een perfecte synthese van alles wat je niet moet doen op het gebied van personeelsbeheer. Waarom?
Karikaturale gedragingen, seksistische opmerkingen, racistische commentaren, willekeurige beslissingen, kinderachtig gedrag, onrechtvaardigheid tegenover veel medewerkers… het personeelsbeheer in The Office is een ramp. Op het scherm is deze serie, die vele prijzen heeft gewonnen waaronder Emmy Awards en een Golden Globe voor Steve Carell (Michael Scott), zeer grappig. In het echte leven zou zo’n manager gewoonweg onmogelijk zijn om mee te werken. De karikatuur van de HR-manager is in feite totaal! Maar elk stereotype bevat vaak wel een kern van waarheid… Het is legitiem om vragen te stellen bij HR. Zeker nu de gezondheidscrisis heeft aangetoond dat ze meer dan ooit centraal staan in het bedrijf en dat ze voortdurend hun werk en dat van anderen moeten heroverwegen.
Het is uiteraard belangrijk te benadrukken dat er niet één HR-beroep bestaat. Afhankelijk van de bedrijven kan de dagelijkse praktijk heel verschillend zijn. Er zijn natuurlijk HR-medewerkers/boekhouders/kantoormedewerkers in kleine organisaties, maar er zijn ook HR-functies in grote teams. Sommige functies zijn analytischer, terwijl andere meer op de persoon gericht zijn (werving, onboarding…). Maar laten we eens kijken of u zich in bepaalde passages herkent 😊.
Een van de kritiekpunten die soms op personeelszaken wordt geuit, is dat ze een onbekende en geheime taal spreken. We moeten toegeven dat tussen ROI, SIRH, KPI, jobboards, onboardings, Assessment Centers, ATS, DPAE… het moeilijk te volgen is als je niet ingevoerd bent. Ja, HR-professionals hebben hun eigen taal. Zoals veel beroepen trouwens. Accountants, journalisten, juristen… hebben ook hun jargon.
Het is echter van cruciaal belang dat HR verbonden en begrijpelijk blijft voor alle medewerkers. Dit is niet altijd het geval, en het massale gebruik van anglicismen en afkortingen kan problematisch zijn, vooral omdat ze ten koste gaan van woorden in het Nederlands of het Frans, die veel toegankelijker zijn.
Voor velen zijn HR-functies typisch vrouwelijk… en dat is terecht als we de cijfers bekijken: in de Verenigde Staten zijn vrouwen goed voor 80% van de HR-functies. In Frankrijk ligt dit cijfer rond de 70%. Voor België communiceert Statbel (het Belgische statistiekbureau) geen precies cijfer, maar bevestigt dat de sector overwegend vrouwelijk is. Is het het mediatie-aspect dat vooral vrouwelijke studenten aantrekt? Of is het de menselijke kant die inherent is aan de functie? Het zou interessant zijn om hier een enquête over te houden…
Echter, hoewel vrouwen een meerderheid vormen in HR-functies, is de macht mannelijk. In de Verenigde Staten en Frankrijk worden de HR-directies in grote mate bezet door mannen. De cijfers voor België zijn niet beschikbaar, maar we kunnen aannemen dat ook hier de macht een kwestie van mannen is. En helaas heerst er ongelijkheid in salarissen in de HR-wereld. Een vrouw verdient gemiddeld 6% minder dan een man voor een gelijke arbeid (cijfers van Statbel).
HR-professionals worden soms door andere medewerkers gezien als iets te vriendelijk, te lief en alsof ze op een andere planeet leven waar alles “Alles is goed”, “Het komt goed, het is geweldig”, “Kom op jongens, geef alles wat je hebt”…
Dit constante optimisme kan soms vermoeiend zijn, maar laten we wel zijn, het doet ook deugd in een samenleving waar veel mensen hun tijd besteden aan klagen.
Je kunt ook geïrriteerd zijn door HR die altijd herhaalt dat “de deur altijd openstaat” en dat het belangrijk is “om in volledige vertrouwelijkheid over probleem situaties te kunnen praten”, enzovoort. Maar als er een probleem is, zijn we blij dat er iemand is om mee te praten.
Tot slot is er ook kritiek dat HR vastzit aan bepaalde tools of methoden. We hebben allemaal wel het voorbeeld van een HR-collega die alleen maar zweert bij persoonlijkheidstests (kleuren, enneagram…) en die zo’n medewerker typeert als “typisch 7”, “zo geel” of die vindt dat het tijd is om een kleine “PAPI” (Personality and Preference Inventory) voor een andere medewerker te doen. We denken ook aan die andere HR-professional die altijd vraagt om zo’n softwaretool te gebruiken en die vergeet dat de werkelijkheid van het werk complex is en niet altijd de toepassing van die tool toelaat.
Laten we echter ook eerlijk zijn. De realiteit van HR is dat ze zijn veranderd in een echt Zwitsers zakmes dat op elk moment geopend kan worden en waarvan wordt verwacht dat ze een 360°-vaardigheid hebben.
Het beroep in HR is in volle verandering. We kunnen het eigenlijk in het meervoud noemen: volle veranderingen. Allereerst is er de verandering van gebieden. Een HR-directeur zijn is vandaag de dag niet langer alleen maar werken aan wervingen, exitgesprekken en het welzijn van medewerkers. Het is niet meer alleen een schakel in de administratie. We merken daarnaast dat puur administratieve functies de neiging hebben om te worden uitbesteed. Het HR-gebied is tegenwoordig getint met marketing, juridische of economische kennis, bedrijfsstrategie… Het wordt zelfs soms van de HR-directeur verwacht dat hij een tovenaar is, die samen met zijn team de bedrijfscultuur aan de medewerkers kan overbrengen zonder de budgetten te overschrijden.
Daarna veranderen robotica en kunstmatige intelligentie de huidige beroepen en zullen ze deze blijven transformeren. Dit is de technologische verandering. Zoals aangetoond door een recente studie van Dell: 85% van de banen in 2030 bestaat nog niet. Deze nieuwe beroepen moeten worden geïntegreerd en ontwikkeld in bedrijven. Dit ligt onder andere in het domein van HR.
Ten slotte is er ook de verandering van profielen. Zoals we al hebben geschreven in een eerdere nieuwsbrief (nr. 79), moeten bedrijven tegenwoordig jongleren met 4 of 5 generaties medewerkers. De generatiekloof is reëel en de profielen zijn zeer verschillend in hun kennis, verwachtingen en de manier waarop ze hun werkrelatie bezien. Ook hierbij staat de HR-directeur centraal om ervoor te zorgen dat al deze mensen samenwerken. Hij moet van deze diversiteit een opstapje maken en geen plafond of rem voor het bedrijf.


