Meer dan de helft van de Belgische werknemers heeft last van fysieke pijn, vooral in de rug, nek en schouders. Toch hoeft dat helemaal niet: er bestaan immers meer dan genoeg oplossingen om beter te kunnen werken … zónder pijn te lijden.
Soms zeggen cijfers meer dan woorden. Zo toonde een Belgische enquête over arbeidsomstandigheden uit 2024 aan dat fysieke pijn wijdverspreid is: 52% van de werknemers lijdt aan rugpijn, 56% heeft pijn in de bovenste ledematen (nek, schouders, armen) en 36% heeft last van de onderste ledematen. En dat zijn niet de enige alarmerende cijfers. Ziekteverzuim als gevolg van spier- en gewrichtsklachten kost ons jaarlijks meer dan 2 miljard euro. De medische kosten lopen dan weer op tot meer dan 3 miljard euro per jaar.
Spier- en gewrichtsklachten, ook wel ‘musculoskeletale pijn’ genoemd, zijn de meest voorkomende werkgerelateerde fysieke aandoeningen. Daarbij worden spieren, pezen, gewrichten of zenuwen aangetast, wat zich meestal uit in pijn of een verlies van beweeglijkheid.
Die pijn treedt vooral op in lichaamsdelen die zwaar worden belast op de werkplek, zoals de rug, schouders, polsen, handen en nek.
Omdat we steeds meer met computers werken, komen vermoeide ogen veel vaker voor. Die vermoeidheid ontstaat wanneer je een paar uur voor een scherm hebt doorgebracht. Ze kan branderige of droge ogen, tijdelijk wazig zicht, hoofdpijn en zelfs visueel ongemak veroorzaken.
Hoewel het over het algemeen geen blijvende oogaandoening is, hindert ze zeker en vast je comfort en concentratievermogen op het werk.
Zoals de naam al doet vermoeden, zit lagerugpijn, ook wel pijn in de onderrug genoemd, in het onderste gedeelte van de rug. We zien het vaak bij werknemers die langdurig zitten, een slechte houding aannemen of zware lasten hanteren. Langdurig zitten zet aanzienlijke druk op de wervelkolom, wat dan weer kan leiden tot rugpijn.
Bij sommige fysieke beroepen (denk maar aan de bouw, goederenverwerking, logistiek, zorg enz.) kunnen werknemers spierverrekkingen, contracturen of blessures oplopen die verband houden met hun lichamelijke inspanningen. Over het algemeen treden die problemen op wanneer mensen te zware lasten moeten dragen, foutieve bewegingen uitvoeren of de inspanning te vaak herhalen.
Ergonomie is erop gericht om de omgeving, hulpmiddelen en apparatuur aan te passen aan de eigenschappen van de werknemer om zo fysieke problemen te vermijden. Het kan gaan om een verstelbare stoel en een aangepast bureau, een scherm op de juiste hoogte en hulpmiddelen of machines voor minder lichamelijke inspanningen.
Door afwisselende taken uit te voeren, te lang repetitieve bewegingen te vermijden en regelmatig pauzes te nemen krijg je minder last van vermoeide en gespannen spieren.
Communicatie is de belangrijkste preventieve maatregel. Werknemers moeten zich immers bewust zijn van de risico’s die hun werk met zich meebrengt en (door opleiding) leren hoe ze zware lasten moeten tillen, gereedschap moeten gebruiken of een juiste houding kunnen aannemen. Werkgevers zijn eveneens verplicht om hun werknemers te informeren en op te leiden over de risico’s én de preventieve maatregelen (zie Extra 1).
Voor bepaalde fysieke beroepen kan specifieke apparatuur worden ingezet om inspanningen te verminderen. Denk daarbij aan mechanische tools om lasten te dragen, of aan ergonomische hulpmiddelen. Op die manier wordt de druk op spieren en gewrichten verminderd.
Preventie moet deel uitmaken van een algemeen gezondheidsbeleid op het werk. Dat betekent dat bedrijven de risico’s op hun werkplekken moeten analyseren, en dat ze maatregelen moeten treffen om die risico’s terug te dringen of zelfs helemaal weg te werken.
Tot slot is ook lichaamsbeweging een vorm van preventie. Zo richten sommige bedrijven een sportruimte in of vergoeden ze een abonnement bij een sportclub in de buurt van de werkplek. Een goed verzorgd en getraind lichaam kan nu eenmaal beter om met de fysieke kant van het werk. Opgelet: lichaamsbeweging is geen vervanging voor een ergonomische aanpak of een betere organisatie van het werk, maar wel een aanvulling binnen een globaal preventiebeleid.
Soms kan preventie er ook helemaal anders uitzien. We lichten je graag zeven originele ideeën toe!
In sommige Japanse en Scandinavische fabrieken begint de werkdag met vijf tot tien minuutjes stretchen in groep. Iedereen stopt dan met werken en onder begeleiding doen medewerkers eenvoudige oefeningen voor de rug, schouders en polsen, soms met een muziekje op de achtergrond.
Het doel? Spierspanning verminderen en het lichaam voorbereiden op fysieke inspanning.
Sommige bedrijven experimenteren tegenwoordig met sensoren of slimme camera’s die de bewegingen van de werknemers analyseren. Zo’n systeem gaat bijvoorbeeld na of je met een gebogen rug zit, een slechte houding hebt aangenomen of riskante repetitieve bewegingen maakt.
Zo worden werknemers in realtime gewaarschuwd, zodat ze hun houding kunnen corrigeren en blessures kunnen voorkomen. Er wordt momenteel dan ook hard gewerkt aan de ontwikkeling van technologieën met sensoren of artificiële intelligentie om bewegingen te analyseren en musculoskeletale aandoeningen terug te dringen.
In sommige sectoren (logistiek, auto-industrie, bouw) werken bedrijven met exoskeletten. Dat soort lichte structuren op de rug of rond de armen helpen om lasten te dragen. Je hebt er vast wel eens filmpjes over gezien. Deze exoskeletten verlichten de druk op de wervelkolom, zorgen ervoor dat spieren minder belast worden en verminderen het risico op lagerugpijn.
Ja, dat lees je goed. Sommige bedrijven maken gebruik van verstelbare zit-stabureaus, wandelbanden onder de bureaus of vergaderzalen waarin iedereen recht moet blijven staan.
Het principe erachter is doodeenvoudig: ons menselijke lichaam is helemaal niet gemaakt om acht uur per dag stil te zitten.
Tegenwoordig gaat het er bij ergonomie dus om dat het werk wordt aangepast aan de mogelijkheden van het menselijke lichaam om het risico op blessures en vermoeidheid terug te dringen.
Volgens datzelfde principe moedigen sommige bedrijven aan om al wandelend te vergaderen in plaats van rond de tafel te zitten. Besprekingen gebeuren dus tijdens een wandeltochtje door het gebouw of buiten. Het doel? Minder lang zitten, de bloedsomloop verbeteren en de creativiteit aanwakkeren.
Veel welzijnsprogramma’s op de werkvloer omvatten dit soort initiatieven om lichaamsbeweging te stimuleren en de gezondheid van de werknemers te verbeteren.
Op sommige grote campussen, zoals bij Google en Meta, rijden de werknemers met de fiets van het ene gebouw naar het andere in plaats van de auto te nemen. Zo stelt Apple bijvoorbeeld een vloot van 2000 fietsen ter beschikking voor zijn werknemers. Minder spectaculair dan in Californië, maar daarom niet minder effectief, zijn de Haven van Brussel en het innovatieve techpark Corda Campus (Hasselt, Limburg), waar de fiets echt centraal staat in het mobiliteitsbeleid van de bedrijven.
Ietwat verrassend misschien, maar heel wat bedrijven richten zogenaamde ‘nap rooms’ in, waar vermoeide werknemers even een dutje kunnen doen.
Op die manier willen ze uiteraard niet alleen de vermoeidheid terugdringen, maar ook het concentratiepeil een boost geven en fysieke spanning door stress beperken.
Maatregelen tegen fysieke problemen op de werkplek bieden dus tal van voordelen, zowel voor de werknemers als voor de bedrijven zelf.
Preventie helpt met name om werkgerelateerde pijn en blessures te verminderen. Door werkplekken aan te passen en ergonomischer in te richten, krijg je minder snel last van vermoeide spieren en daalt het risico op musculoskeletale problemen.
Bij beter aangepaste arbeidsomstandigheden zijn werknemers minder vaak ziek of geblesseerd. Bedrijven die een ergonomisch plan van aanpak hanteren, krijgen daar over het algemeen minder werkonderbrekingen en minder langdurig ziekteverzuim voor terug.
In een goed ontworpen werkomgeving gaan werknemers simpelweg in betere omstandigheden aan de slag. Dat boost de concentratie, vermindert vermoeidheid en kan de efficiëntie en productiviteit verhogen.
Werknemers voelen zich immers meer beschermd en gewaardeerd, waardoor ze hun beste beentje voorzetten en hun tevredenheid toeneemt.
Fysieke aandoeningen op de werkplek voorkomen is dus niet alleen wettelijk verplicht, maar ook een manier om een duurzamere werkomgeving op te bouwen, waar prestaties nooit ten koste gaan van de gezondheid.



