
In 2017 betaalde het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) bijna twee miljard euro uit aan langdurig zieken met mentale aandoeningen, waaronder burn-outs. Maar wat bedoelen we precies? Bestaan er verschillende types burn-out? Wat zijn de waarschuwingssignalen? Hoe kunnen we ze voorkomen? En wat zal de situatie over tien jaar zijn? Hier enkele eerste antwoorden.
Het werkwoord “to burn out” betekent letterlijk “opbranden”, “verbranden” of “verwoesten” vanwege de overmatige vraag naar energie, kracht of middelen. De oorsprong van het woord burn-out is interessant: het komt uit de luchtvaartindustrie en verwijst naar een raket waarvan de brandstof tijdens de lancering uitgeput raakt, met als gevolg dat de motor oververhit raakt met het risico op een explosie. Die metafoor zegt veel. Vandaag wordt de term medisch gebruikt en omschrijft burn-out als “een geleidelijk optredend vermoeidheidsproces bij werknemers die langdurig worden blootgesteld aan stress die zij niet kunnen beheersen.”
Burn-out is dus het gevolg van chronische werkstress die een spanningsveld creëert waaruit de betrokkene zich niet kan ontspannen. Vermoeidheid ontwikkelt zich niet van de ene op de andere dag. Het kan weken tot maanden duren, wat verklaart waarom herstel vaak lang duurt. Samengevat is burn-out te zien als een depressie bij de werknemer.
Burn-out is een complexe aandoening met verschillende vormen. Artsen en psychologen onderscheiden er drie:
Omdat burn-out langzaam ontstaat, is het moeilijker te herkennen dan andere ziekten. En soms is het dan al te laat. Als HR of medewerker zijn er signalen die kunnen wijzen op een dreigende burn-out. Het belangrijkste is het gevoel voortdurend overbelast te zijn. Stapels dossiers, stapels e-mails en vergaderingen die zich opstapelen. Een tweede symptoom, ook typisch voor depressie, is aanhoudende vermoeidheid. Hoeveel je ook slaapt, je herstelt niet. Je energie is volledig verbruikt en niets helpt. Deze vermoeidheid kan leiden tot verminderde eetlust of overmatig gebruik van vervangmiddelen als sigaretten of alcohol. Andere tekenen zijn gebrek aan fysieke activiteit, laag zelfbeeld, emotionele verarming en uiteindelijk sociale isolatie.
In België is de werkgever verplicht psychosociale risico’s (PSR) te evalueren en preventiemaatregelen te nemen om ze te vermijden. Deze preventie moet deel uitmaken van het algemene preventiebeleid op het werk. Elke werkgever moet een welzijnsbeleid voeren dat de gezondheid van werknemers beschermt tijdens hun werkzaamheden. Dit beleid berust op risicobeoordeling om passende maatregelen te ontwikkelen die gevaar elimineren, schade voorkomen en beperken.
Elke onderneming bouwt zijn eigen plan om burn-outs te vermijden. Niet elk bedrijf is hetzelfde en per sector verschillen de preventiemaatregelen. Er zijn echter enkele algemene richtlijnen die preventie kunnen vergemakkelijken:
Tenslotte bestaan er federale initiatieven van de overheid om te strijden tegen wat men noemt “de vermoeidheid van het zijn en het onvermogen om het leven aan te kunnen dat men leidt.”


