
Waar komt dat gevoel vandaan? Wie treft het? Kan men het bestrijden en hoe? Deze nieuwsbrief behandelt deze vragen.
In 1978 schreven psychologen Pauline Rose Clance en Suzanne Aimes een artikel waarin zij voor het eerst de term “Impostersyndroom” gebruikten. Concreet definiëren zij het als een “vorm van ziekelijke twijfel waarbij iemand het eigenaarschap van persoonlijke prestaties ontkent.” Met andere woorden: de betrokken personen wijzen systematisch het verdiende succes af en schrijven hun prestaties toe aan externe factoren zoals geluk, hard werken, persoonlijke relaties, toevalligheden, of het goede werk van collega’s. In de werkomgeving zou 60 tot 70% van de mensen op een bepaald moment twijfelen aan het legitieme karakter van hun successen. Dat is enorm.
Waarom hebben zoveel mensen het gevoel niet legitiem of op hun plaats te zijn? Er zijn verschillende redenen, zowel persoonlijk als systemisch. De belangrijkste reden ligt in het maatschappelijke stramien van onze jeugd. Onze samenleving is namelijk gebaseerd op meritocratie en prestaties. Sinds jonge leeftijd worden we beoordeeld via rapporten, scholen (goede, minder goede, slechte) en opleidingen (goede, minder goede, slechte). We moeten goede punten halen om later te mogen studeren. Na school is de vraag vaak: “Wat ga ik studeren? En waar?”. We strijden om toegelaten te worden tot prestigieuze scholen waar men van meet af aan leert dat “slechts een minderheid slaagt.” Rondom ons worden keuzes beoordeeld, en beroepen als ingenieur, arts of advocaat staan onbewust hoger aangeschreven dan slager, kelner of loodgieter, ook al zijn die laatste soms veel beter in hun vakgebied. Het draait om diploma’s en expertise. In de professionele wereld leren we vaak onbewust dat we bij aankomst nog niet “waardevol” zijn. Het impostersyndroom moet begrepen worden in dit kader.
Er zijn verschillende vormen van het gevoel niet legitiem te zijn op je positie. Afhankelijk van karakter en persoonlijkheid verschilt de intensiteit. Velen hoorden al eens: “Je hebt de job gekregen omdat de recruiter aardig was” of “Je had geluk” of “De andere kandidaten waren slecht.” Hoe weet je of je er last van hebt? Eén symptoom is de angst ontmaskerd te worden. Degene die zich een bedrieger voelt, is bang dat collega’s of de baas vroeg of laat zijn incompetentie zullen zien. Daarnaast is er de overdreven druk die men zichzelf oplegt. Zoals journaliste Hélène Musca het samenvat: “Het gevaar is dat je volstrekt onrealistische levensstandaarden stelt die geen fouten toestaan. Je leeft daardoor in voortdurende stress door het verschil tussen idealen en de chaotische realiteit.” Er is ook sprake van zelfsabotage: de bedrieger vertelt constant aan anderen dat hij niet geschikt is, onwetend van z’n eigen gedrag. Hij zegt “ik ben er niet goed in,” “het is niet mijn specialiteit,” of “ik ben te jong en onervaren.” Ook zelfvertrouwen ontbreekt en het geloof dat iedereen zijn werk kan doen is typisch. Tot slot is het ook vaak moeilijk om een compliment aan te nemen.
Zijn mannen en vrouwen gelijk in het impostersyndroom? Uit een studie van de American Physiological Society (2018) blijkt dat vrouwen, ondanks gelijke scholing, hun competenties veel lager inschatten dan mannen. Uit de studie bleek ook dat mannen bij falen in een test vaker de test moeilijk vinden, terwijl vrouwen meer aan hun eigen intelligentie twijfelen. Vrouwen lijken het syndroom wel beter te kunnen hanteren. Een recent Duits-Amerikaanse studie suggereert zelfs dat onder druk mannen met impostersyndroom meer negatief beïnvloed worden in prestaties dan vrouwen. Ook kinderen kunnen last hebben van dit syndroom.
De eerste stap is toe te geven dat er iets mis is, net zoals bij een verslaving. Je moet leren afstand nemen om het beter te bekampen en aan zelfvertrouwen werken, cruciaal voor professioneel en persoonlijk welzijn.
De tweede stap is je niet meer laten meeslepen door die innerlijke stemmen die we allemaal kennen. Sociologe en auteur Béatrice Barbusse vertelt dat ze vaak twijfelde aan haar capaciteiten toen ze een verantwoordelijke positie kreeg in de mannelijke professionele sportwereld. Elke keer ze zich onzeker voelde, las ze haar CV opnieuw en zag ze het tegendeel bewezen.
De derde stap: leer te genieten van je successen. Of dat nu in boodschappen, mails, LinkedIn-reacties, of prijzen en medailles is: succes erkennen is aanvaarden dat als zoveel mensen je complimenteren, je waarschijnlijk op de juiste plek bent.


